Van alle vormen van agressie op de werkvloer is agressie tijdens een huisbezoek een van de lastigste om te managen: er is geen balie om achter te schuilen, geen collega om bij te springen, en vaak geen mogelijkheid om de situatie snel te verlaten. Onderzoek van beroepsorganisatie V&VN onder verpleegkundigen en verzorgenden laat zien hoe wijdverspreid het probleem is: 52 procent van hen maakte agressie mee, 17 procent zelfs dagelijks en 26 procent wekelijks.
Volgens hetzelfde onderzoek geeft 63 procent van de ondervraagden aan dat agressie de afgelopen jaren is toegenomen, en overweegt 26 procent om (mede) om deze reden te stoppen met het vak. Voor wijkverpleegkundigen, thuiszorgmedewerkers, ambulancepersoneel en andere professionals die alleen op pad zijn, komt daar een extra dimensie bij: op het moment dat het misgaat, is er geen directe steun van een collega beschikbaar.
Dat alleen werken een apart risico vormt, wordt breed erkend in de sector. In nieuwe cao's voor thuiszorg en verpleeghuizen is inmiddels vastgelegd dat medewerkers hun achternaam niet meer verplicht op hun naambadge hoeven te dragen, en dat zij een huisbezoek mogen weigeren als ze zich daarbij niet veilig voelen: een erkenning dat de fysieke afwezigheid van collega's het risico wezenlijk anders maakt dan agressie op een gedeelde werkvloer.
Voor organisaties die met alleen-werkende medewerkers te maken hebben, is de praktijkles dat generiek agressiebeleid niet volstaat: het vraagt om specifieke afspraken over alarmering, vooraf checken van risicovolle adressen, en het serieus nemen van een medewerker die aangeeft een bezoek liever niet alleen te doen.