In 2024 had 57 procent van de medewerkers in zorg en welzijn te maken met agressie door patiënten of hun familie en vrienden, blijkt uit de AZW-werknemersenquête van het CBS. Dat cijfer is ten opzichte van 2020 nagenoeg gelijk gebleven. Agressie in de zorg is dus geen incident, maar een structureel, hardnekkig probleem.
Bijna de helft van de zorgmedewerkers (48%) kreeg te maken met verbale agressie zoals schelden of schreeuwen. Een kwart (25%) ervoer pesten, en 21 procent kreeg te maken met fysieke agressie. Opvallend: ook agressie tussen collega's onderling en door leidinggevenden komt voor. 31 procent van de medewerkers in zorg en welzijn had hier in 2024 mee te maken, met pesten als meest voorkomende vorm.
Een peiling van beroepsorganisatie NU'91 onder 1.234 zorgmedewerkers laat een nog scherper beeld zien: 90 procent werd in 2024 uitgescholden of beschreeuwd, en ruim een derde kreeg te maken met fysiek geweld. 33 procent werd geslagen, 22 procent vastgepakt of geduwd en 23 procent geschopt. Mede hierdoor overwoog 26 procent van de ondervraagden om de sector te verlaten.
De cijfers over 2025 laten volgens NU'91 geen verbetering zien ten opzichte van het jaar ervoor. Voor zorgorganisaties onderstreept dit het belang van structureel agressiebeleid: niet alleen protocollen voor ná een incident, maar ook investeren in vroege-signaaltraining en teambrede afspraken.